Kinderen met Hersenziekten en Psychische Aandoeningen
 
 
 

Agressieve gedragsstoornis: 100.000 kinderen

Kinderen met een agressieve gedragsstoornis, ook wel een oppositionele- of antisociale gedragsstoornis genoemd, slaan, schoppen en schelden veel. Ze verzetten zich voortdurend tegen volwassenen. Hun agressieve gedrag roept negatieve reacties op en stoot anderen af. Deze kinderen ervaren problemen in hun sociaal-emotionele ontwikkeling en hebben moeite met leren op school. Zonder een goede behandeling blijft het agressieve gedrag bestaan waarmee het kind zichzelf en anderen beschadigt.
Een agressieve gedragsstoornis komt bij 5,2% van de kinderen voor. Meer dan 100.000 kinderen tussen 5 en 14 jaar hebben er last van. Het komt vaker voor bij jongens dan bij meisjes.

Angst- en dwangstoornissen: 100.000 kinderen

Kinderen met een angst- of dwangstoornis hebben buitengewone angsten of doen dwangmatig dingen die hun dagelijkse leven ernstig belemmeren.
Bang zijn hoort bij de ontwikkeling van elk kind. In elke fase komen specifieke angsten voor. Normaal gesproken verdwijnen deze angsten weer maar wanneer kinderen buitensporige angsten houden, kan er sprake zijn van een angststoornis.
Ieder kind kent gedachten als: ‘Ik moet steeds over twee stoeptegels springen want anders wil mijn vriendje vanmiddag niet met mij spelen’. Maar als een kind van zichzelf lange tijd allerlei dwanghandeling moet verrichten om te voorkomen dat een familielid ernstig ziek wordt of een ongeluk krijgt, kan er sprake zijn van een dwangstoornis.
Angstige kinderen hebben veel kritiek op zichzelf, zij overschatten de eisen van de omgeving en ervaren overal stress. Ze zijn altijd bang voor dreigend gevaar en de negatieve gevolgen ervan.
1 op de 5 Nederlanders heeft in zijn leven ooit last van een vorm van angststoornis. Bij kinderen komt het iets minder voor, de schattingen lopen uiteen van  2 à 3 tot ruim 15 procent van de kinderen tussen de vier en acht jaar.

Depressie: 40.000 kinderen

Kinderen met een depressie voelen zich lange tijd rot of leeg en zijn moeilijk op te vrolijken. Ze willen lange tijd geen leuke dingen doen en hebben geen plezier in zaken die ze normaal wel leuk vinden. Ze barsten soms zomaar in huilen uit, zijn afwezig en trekken zich terug. Ze denken negatief over zichzelf (‘dat zal met wel niet lukken’) en voelen zich snel schuldig en onbemind (‘niemand houdt van me’) en hebben de neiging zich te isoleren.
Een depressie brengt flinke risico’s met zich mee. Depressie kan in de puberteit leiden tot criminaliteit en verslaving aan drugs- of alcohol. In het uiterste geval kan de jongere proberen een einde te maken aan zijn leven. Bovendien neemt door een depressie de kans op een nieuwe depressie op latere leeftijd toe. Het is belangrijk dat er goede hulp komt, dit kan het perspectief van het kind aanzienlijk verbeteren!
Van alle kinderen in de basisschoolleeftijd (6-12 jaar) heeft 1 à 2 procent een depressie, bij tieners tussen 13 en 18 jaar is dit tussen de 2 en 3 procent.

ADHD: 40.000 kinderen

Rondrennen, de aandacht ergens niet bij kunnen houden: het hoort bij kinderen. Maar bij kinderen met ADHD overheerst het gebrek aan concentratie en rust. Ze hebben moeite het dagelijks leven te organiseren en te plannen. Schoolprestaties lijden hier ernstig onder. Kinderen met ADHD zijn vaak eenzaam en worden gepest omdat ze spelletjes verstoren of te wild zijn. Ook hebben ze veel conflicten thuis en met leerkrachten op school. Veel van deze kinderen hebben faalangst, het gevoel ‘het niet goed te doen’ en ‘het niet voor elkaar te krijgen’, terwijl ze weten dat ze het kunnen. Ook hebben ze grotere kans op verslavingen, verkeersongelukken en lopen ze meer risico in aanraking te komen met criminaliteit. ADHD gaat bij meer dan de helft van de kinderen gepaard met andere psychische klachten, zoals depressie en angst- en dwangstoornissen. ADHD gaat zelden vanzelf over. Met behandeling en begeleiding is aan ADHD veel te doen.
Zeker 3 op de 100 kinderen in Nederland heeft ADHD, waarvan 1 ernstig, dit zijn zo’n 40.000 kinderen tussen de 5 en 14 jaar die een behandeling nodig hebben. De diagnose ADHD wordt vier keer zo vaak gesteld bij jongens als bij meisjes. 

Eetstoornissen: 5.000 à 6.000 kinderen en tieners

Kinderen en tieners met anorexia nervosa (magerzucht) zijn doodsbang om dik te worden, kinderen en tieners met boulimia nervosa (vraatzucht) hebben regelmatig heftige eetbuien. Al kunnen ze hun ribben tellen, toch voelen anorexiapatiënten zich veel te dik. Vermageren is voor hen een verslaving geworden. Boulimiapatiënten proppen alles in hun mond wat eetbaar is, zonder iets te proeven, tot alles op is. Tijdens zo’n ‘aanval’ zijn ze elke controle over zichzelf kwijt en eten ze soms uren aan één stuk. Hierna volgt meestal een tijd van fanatiek lijnen. Als kinderen of tieners gaan lijnen kunnen ze blijvende schade oplopen. Ze hebben later een hoog risico op botontkalking, ook leveren ze een stuk van hun lengte in.
Eetstoornissen komen het vaakst voor bij meisjes. De leeftijd waarop meisjes anorexia krijgen wordt steeds lager. In 1999 was 8 procent van de patiënten met anorexia jonger dan 14 jaar. In 2004 is dat al 35 procent. In totaal hebben 5.000 à 6.000 kinderen en tieners boulimia of anorexia.

Autisme: 11.000 kinderen

Autisme is een ernstige aangeboren ontwikkelingsstoornis, met als hoofdkenmerken het niet kunnen verwerken van sociale informatie en een onvermogen de wereld om zich heen te doorgronden. Om bijvoorbeeld de koppeling te leggen tussen “blij zijn” en lachen is het een vereiste dat een persoon doorheeft wat het gevoel “blij zijn” oproept bij jezelf en bij anderen. Kinderen met autisme kunnen dit niet. Hierdoor ervaren zij de wereld om zich heen als bedreigend en klampen zij zich vast aan regels en rituelen, die onder geen beding mogen worden doorbroken. Zij leven hierdoor een anti-sociaal leven in een eigen (veilige) wereld. Autisme komt voor bij 0,58% van de bevolking voor. 11.000 kinderen hebben autisme.

Bronnen en literatuur:

NFGV-Brochures: ‘Angststoornissen’, ‘Dwangstoornissen’, ‘Depressie bij jongeren’, ‘ADHD’, en ‘Eetstoornissen’.
Brochures Hersenstichting: ‘Angststoornissen’, Angst en depressie’, ‘ADHD en Gilles de la Tourette’, ‘Autisme’ en ‘Jongeren en hersenaandoeningen’.
Teleac/Not zendt vanaf maandag 21 februari 2005 (16.10 uur Ned. 1)Buitenbeentjes
Websites: nfgv.nl, hersenstichting.nl, trimbos.nl, teleac.nl/buitenbeentjes

Terug